>

Jezelf zijn of aanpassen?

Een overpeinzing

Ik worstel er regelmatig mee: Pas ik me aan of niet?
Vooral in groepen speelt dit voor mij het meest. Zodra ik me expliciet of impliciet aan groepsnormen moet gaan houden, gaan in eerste instantie mijn stekels recht overeind staan. Grote kans dat ik me dan niet aanpas. Handig om te weten waar dit vandaan komt.

Bij mij ligt de oorsprong van deze afkeer voor aanpassing vermoedelijk in een opvoeding die ik vaak heb ervaren als een strak keurslijf waarbij een andere belangstelling of afwijkend gedrag werden afgekeurd en ik geen ruimte voelde en waardering voor wie ik was. Ik paste me toen aan of verzette mij indirect.
Het lijkt heel tegenstrijdig, maar omdat ik dit weet, pas ik me nu wat makkelijker aan. Ik onderzoek nu of ik het gevoel heb me te moeten aanpassen om waardering te krijgen. Is dat zo, dan doe ik niets, maar blijf wel voelen. Lastig, want soms gaat er wel enige druk uit van een groep. Het is voor veel mensen heel veilig als de mensen om heb heen sterk op hen lijken.
Blijkt het handig om me aan te passen om een gezamenlijk doel te kunnen bereiken, dan pas ik mezelf meestal aan.

Bijna niemand wil alleen staan, ik ook niet, dus dat zorgt soms voor een dilemma bij mij in groepen. Het meest comfortabel voel ik mij daarom bij “een zooitje ongeregeld”: groepen mensen die bijvoorbeeld een hobby delen, maar heel verschillend zijn en wel tolerant en nieuwsgierig zijn naar elkaar. Meeste kans dat ik het gevoel heb dat ik dan mezelf kan zijn en me ook ‘welkom’ voel.
Nog een terugkerend thema, maar niet in deze blog ūüėČ

Hoe erg is het om je soms aan te passen? Wanneer lever je jezelf in?
Wat je jezelf noemt, blijken vaak  beschermlagen te zijn waarmee je je toont aan de buitenwereld. Steeds als ik denk dat ik mezelf nu zo onderhand wel ken, ontdek ik weer nieuwe kanten van mezelf en moet ik mijn beeld bijstellen.

Door de jaren heen blijf ik schillen afpellen. In 2016 leek dat bij mij in sneltreinvaart te gebeuren door de coachingsopleiding die ik bij het ITIP volgde. Heel ongemakkelijk op het moment van ontdekking, maar inmiddels heeft dat bij mij gezorgd voor meer rust, stabiliteit en ontspanning.

Kunnen én durven kiezen

Een blog voor ouders en docenten

Dinsdagmiddag ging ik er eens goed voor zitten. Eindelijk zette ik mijn idee√ęn voor workshops voor middelbare scholieren over studiekeuze eens op papier.
Er gebeurt al meer dan vroeger op scholen als het gaat om hulp bij studiekeuze. Als docent, maar ook als ouders denk en help je mee, maar voor mijn gevoel  kan het beter en anders.
Nog teveel wordt er alleen gekozen met het hoofd. Er wordt gekeken naar welke studie de meeste kans op werk biedt, hoeveel je in een beroep verdient, welke status een beroep heeft.
Talenten en drijfveren blijven onderbelicht. Dit  zorgt voor veel studie-uitval.
Ook laten jongeren zich nog erg be√Įnvloeden door hun omgeving, door jou en hun vrienden. De kans is dan groot dat een vervolgopleiding niet past.
Als jouw leerling, jouw kind zich bewust wordt van eigen kwaliteiten en waarden en leert voelen waar hij (of zij) enthousiast van wordt, dan k√°n hij kiezen.
Als hij ook beseft dat zijn waarden kunnen afwijken van die van jullie en hij voldoende zelfvertrouwen heeft, dan d√ļrft hij ook een eigen keuze te maken.

 

Ik nam even pauze, at wat druiven en pakte de Volkskrant (10-10-2017).  Tot mijn verbazing rolde daar een katern uit met de kop:  Kiezen na school; Waarom je goede raad van je ouders soms toch in de wind moet slaan .

Belangrijke conclusies:

  • Nadruk ligt teveel op kiezen met het hoofd
  • Jongeren zijn nog erg be√Įnvloedbaar en onbewust worden hen vaak keuzes opgedrongen
  • Beroepskeuzetesten zijn niet zinvol bij studiekeuze
  • Laat jongeren veel verschillende ervaringen opdoen
  • Laat jongeren zelf ervaren waar ze enthousiast van worden en help hen tussendoor met reflecteren en structureren

De conclusies en adviezen blijken aan te sluiten bij mijn ervaringen en idee√ęn. Een extra stimulans om verder te gaan met het uitwerken van mijn workshop -concept.
Wat ik het liefste doe is jongeren dichter bij zichzelf brengen. Ervoor zorgen dat ze meer zelfvertrouwen krijgen en zichzelf beter leren kennen.  Ze leren hoe ze keuzes kunnen maken die bij ze passen.  En daarna? Dan help ik ze ook praktisch op weg als dat nodig is.

Zelf heb ik die aandacht en hulp vroeger zo gemist. Van mij werd verwacht dat ik naar de universiteit ging. Ik had toch gymnasium gedaan? Nou, dan moet je studeren!
Dat mijn belangstelling vooral uitging naar een meer creatieve opleiding (HBO/MBO), ik ook meer praktisch ben ingesteld, dat werd vergeten.
‘Opleiding tot etaleur? Belachelijk, dat is een MBO-opleiding! Ik was erg onzeker en voelde me alleen gewaardeerd vanwege mijn schoolprestaties .
Het kwam niet in mij op om een andere keuze te maken.
Na mijn eerste studiejaar Nederlands heb ik op het punt gestaan dat wel te doen, maar durfde niet en werd ontmoedigd door mijn omgeving.
‘ Wat zeg je nu? Creatieve therapie? Nee, da’s veel te zweverig, niets voor jou!’

Mijn weg
Mijn loopbaan is grillig: thuishulp, planner, secretaresse,  managementassistente, beleidsmedewerker, landelijk coördinator loopbaanadvies, jobcoach en trajectbegeleider, zelfstandig jongerencoach. Heb ik ergens echt spijt van? Nee! Ik heb veel verschillende kanten van mezelf kunnen ontwikkelen en het heeft me gemaakt  tot iemand die zich snel dingen eigen maakt en met allerlei mensen kan samenwerken.
Het was een lange weg, maar uiteindelijk kan ik zeggen dat ik dicht tot de kern van mezelf ben gekomen, dat ik doe wat echt bij me past.
Mijn hart “maakt nu regelmatig sprongetjes”, zo blij word ik van hoe ik nu ben en wat ik nu doe.

Misschien had mijn weg wat korter gekund?
Wat had ik gedaan als er wel aandacht was geweest voor  kiezen bij wat bij mij paste?
Als ik hulp gekregen had bij het kiezen niet alleen met mijn hoofd, maar ook vanuit mijn hart en intu√Įtie? Geen idee…
Een kortere route? Sneller is niet per se beter…
Ik hoop eraan bij te dragen dat jongeren de richting kunnen én durven kiezen die bij ze past, op dit moment.